Laatst stond ik voor een keuze. Twee opties. En in plaats van te voelen wat ik wilde, ging er iets anders door mijn hoofd:
“Als ik dit kies, dan is X blij.”
“Als ik dat kies, dan is Z tevreden.”
Herkenbaar?
Dat je bij het maken van een keuze vooral bezig bent met wat de ander ervan vindt.
Je hoofd draait overuren met allerlei scenario’s — in de hoop het goed te doen, geen fouten te maken, niemand teleur te stellen.
Want diep vanbinnen wil je vooral niet afgewezen worden.
Niet die pijn voelen die daarmee gepaard gaat.
Maar ondertussen… vergeet je jezelf.
Wanneer de ander het eens is met jouw keuze, voel je opluchting.
Wanneer dat niet zo is, voel je je rot.
Jouw gevoel lijkt af te hangen van de reactie van de ander.
En als je wel wordt afgewezen, doe je er alles aan om het goed te maken — zodat de ander jou weer aardig vindt.
Je bent bezig om de ander een goed gevoel te geven.
Maar wacht eens even…
Jij bent toch degene die gekwetst is?
Waarom ben je er dan niet voor jezelf?
Steeds weer proberen die pijn van afwijzing te voorkomen of op te lossen, kost ontzettend veel energie.
Wat als die pijn er mag zijn?
Als je erdoorheen ademt en merkt dat de wereld niet vergaat?
(Want dat weten we vaak wel, maar het echt voelen is iets anders.)
Probeer eens wat er gebeurt als je jezelf veiligheid biedt op het moment dat je je afgewezen voelt.
Blijf aanwezig bij wat je voelt.
Laat het er zijn — zonder te fixen, zonder te veranderen.
Gewoon ademen.
Want dan leert je brein iets heel waardevols:
- Het is oké als een ander het niet met mij eens is.
- Het is veilig om verschillende meningen te hebben.
- Het is veilig om mijn eigen keuzes te maken, op basis van wat goed voelt voor mij.
En precies dáár begint innerlijke rust — niet door afwijzing te vermijden, maar door jezelf te dragen wanneer ze er is.
Ik ben benieuwd…
Hoe ga jij om met het gevoel van afwijzing?
Ben jij er dan voor jezelf, of zorg je vooral voor het gevoel van de ander?
Bron: Fysiotherapie4all – http://Fysio
